Signaaltoezicht gemeenten en AID - gemeente Ede
Uit: Slimmer toezicht: meer resultaat met minder inspanning p11-14.
Wat houdt het in?
De Algemene Inspectiedienst (AID) is verantwoordelijk voor het toezicht op de naleving van regelgeving bij agrarische bedrijven. Zo zien inspecteurs van de AID toe op een breed scala aan thema’s, waaronder het gebruik van diergeneesmiddelen, het gebruik van gevaarlijke stoffen, de identificatie en registratie van dieren en het gebruik van diervoerders. Gemeenten voeren – vanuit hun verantwoordelijkheid voor uitvoering van de Wet milieubeheer – eveneens inspecties uit bij agrarische bedrijven. Hierbij is op onderdelen sprake van overlap met inspecties van de AID.
Gemeenten en AID hebben de mogelijkheid om voor elkaar signaaltoezicht te houden. Concreet betekent dit dat inspecteurs van de AID tijdens inspecties ook de items (uit de Wet milieubeheer) van de gemeente meenemen en vice versa. Doordat gemeenten door de AID worden geïnformeerd over de uitkomsten van inspecties, blijven zij op de hoogte van de mate waarin agrarische bedrijven de verplichtingen uit de Wet milieubeheer naleven. Inspecteurs hebben de mogelijkheid om op basis van deze informatie alsnog zelf op locatie te inspecteren of (bij tekortkomingen) een hercontrole te doen.
Wat levert het op?
Gemeenten hoeven minder fysieke controles bij agrarische bedrijven uit te voeren. Dit scheelt tijd. En dat terwijl gemeenten wel gewoon op de hoogte blijven van het naleefgedrag van agrarische bedrijven. Ditzelfde geldt ook voor de AID. Ook agrarische bedrijven merken een reductie van de tijdsbesteding voor inspecties: zij hoeven immers geen tijd meer te besteden aan afzonderlijke inspecties van gemeente én AID.
Wat zijn de ervaringen?
De Milieudienst Midden-Holland heeft afspraken gemaakt met de AID om voor elkaar inspecties uit te voeren. Hiervoor zijn inspectieplanningen met elkaar vergeleken en zijn afspraken gemaakt over welke inspecteurs welke bedrijven gaan bezoeken. In 2009 heeft de AID 51 controles uitgevoerd en de Milieudienst 89. In alle gevallen hebben inspecteurs ook gecontroleerd op items van de andere toezichthouder. De AID heeft van de 56 controles aan de Milieudienst gemeld wat de bevindingen waren op milieugebied. In een aantal gevallen heeft de Milieudienst naar aanleiding hiervan zelf een hercontrole uitgevoerd. Bedrijven waarbij de AID geen tekortkomingen op milieugebied heeft geconstateerd, worden het komende jaar (of komende jaren) niet door de Milieudienst bezocht.
De tijdsbesteding voor het uitvoeren van een milieucontrole bij een agrarisch bedrijf door de Milieudienst ligt op circa 5 uur (inclusief voorbereiding, bezoek ter plaatse en administratieve afhandeling). Het uitvoeren van signaaltoezicht voor de AID kost een inspecteur van de Milieudienst circa 1 uur extra bovenop de normale tijdsbesteding van 5 uur. Maar daar staat tegenover dat inspecteurs van de gemeente niet meer uitgebreid hoeven te controleren bij bedrijven die door de AID zijn bezocht en waar geen tekortkomingen zijn geconstateerd. De cijfers in onderstaande figuur zijn gebaseerd op de ervaringen van Milieudienst Midden-Holland.
Ook de gemeente Ede en de AID signaleren voor elkaar tijdens inspecties bij agrarische bedrijven. De kwantitatieve besparingen zijn vergelijkbaar met Milieudienst Midden-Holland. Volgens de gemeente zit de meerwaarde voor een belangrijk deel in het feit dat inspecteurs van de gemeente en AID elkaar kennen. Als bepaalde zaken worden geconstateerd, weten zij elkaar gemakkelijk te vinden. Dit vergroot de effectiviteit van de controles. Tevens blijkt uit onderzoek van de gemeente dat bedrijven een vermindering van toezichtlasten merken doordat één inspecteur meerdere inspectie-items meeneemt.
Welke inspanning is vereist?
Het uitvoeren begint met het organiseren van een afstemmingsbijeenkomst voor medewerkers van de gemeente en de AID. Tijdens deze bijeenkomst kan worden gesproken over de specifieke kenmerken van agrarische bedrijven in de gemeente, de mogelijkheid om signaaltoezicht voor elkaar te voeren en de wijze waarop resultaten van AID inspecties aan de gemeente worden teruggekoppeld. Tijdens deze bijeenkomst – die ongeveer een dagdeel in beslag neemt – kunnen inspecteurs van de gemeente en de AID ook gezamenlijk kijken naar de risicoanalyses, checkslists en planningen.
Pitstopkamer – gemeente Zwolle
Uit: Eindrapport uitvoering medebewindstaken gemeenten p18.
Om de vergunningverlening op het gebied van bouw te bespoedigen (toepassen van een LEAN-procedure) en voor brand en milieu inzichtelijk te maken, werkt de gemeente Zwolle sinds
begin 2009 met een pitstopkamer. Op deze kamer is het gehele dossier van een aanvrager in te zien en kunnen vergunningverleners de aan hun toebedeelde onderdelen van de vergunning beoordelen.
Vergunningmanager of interdisciplinair coördinatieteam – gemeenten Enschede en Goes
Uit: Eindrapport uitvoering medebewindstaken gemeenten p18.
Voor complexe en politiek gevoelige vergunningen heeft de gemeente Enschede vergunningmanagers. Zij verzorgen de coördinatie van de vergunningaanvraag naar binnen en naar buiten. Bijvoorbeeld door inzichtelijk te maken welke vergunningen noodzakelijk zijn en door de doorlooptijden in het oog te houden.
In de gemeente Goes worden meldingen en vergunningsaanvragen besproken in een coördinatieteam dat uit vergunningsverleners en handhavers bestaat. Vervolgens wordt een casemanager aan de aanvraag of melding toegekend, en bij meer dan twee vergunningen ook een accountmanager.
Integraal handhaven - gemeente Gulpen-Wittem
Uit: minderregelsmeerservice nieuwsbrief december 2009: p11
De gemeente Gulpen-Wittem heeft gerealiseerd dat controleurs minder vaak bij bedrijven komen met een nieuw handhavingsbeleid dat begin 2010 in werking is getreden. Noodzakelijke controles, APV-, bouw- en milieu-inspecties en checks op brandveiligheid vinden vaak apart plaats. In de gemeente Gulpen-Wittem vinden deze controles nu in één keer plaats. De controles van bijvoorbeeld de milieuambtenaar en de brandweer zijn op elkaar afgestemd. En toezichthouders worden omgeschoold tot integrale toezichthouders.
In eerste instantie wordt door meerdere personen tegelijkertijd een controle uitgevoerd. Bijvoorbeeld de milieuambtenaar en de brandweer komen samen langs voor een controle. Na kennisoverdracht gaat de integrale handhaver meerdere aspecten controleren. Dan is er nog maar één controleur.
Integrale horecacontrole – gemeente Nijmegen
Uit: http://nieuws.nijmegenonline.nl/nijmegen-horeca-controle/
Met integrale controle wil de gemeente Nijmegen horecabedrijven sneller en efficiënter controleren. Ondernemers krijgen één integrale controle in plaats van diverse bezoeken van verschillende instanties. De controleurs kunnen zo direct met elkaar afstemmen en onduidelijkheden of tegenstrijdigheden oplossen. Het kost de ondernemer uiteindelijk minder tijd omdat hij maar één afspraak hoeft te maken. Er wordt één brief met de bevindingen van de controle verstuurd en er is één aanspreekpunt voor de ondernemer namens alle betrokken partijen.
De gemeente Nijmegen investeerde al in het vereenvoudigen van vergunningaanvragen voor ondernemers in de horeca en het verbeteren van de controle op onder meer brandveiligheid, milieu en geluid. Zo introduceerde de gemeente onder meer de HorecaWijzer, waardoor een ondernemer die een nieuw horecabedrijf wil starten of een bestaande zaak wil overnemen nog maar één digitale vragenlijst hoeft in te vullen. Hiermee kunnen de belangrijkste vergunningen en ontheffingen vervolgens direct via internet worden aangevraagd.
Ketenhandhaving – gemeenten Eindhoven en Rotterdam
Uit: Professionalisering toezicht en handhaving G36 gemeenten p13.
Binnen de gemeente Eindhoven zijn bouw, brand, milieu, APV en stadstoezicht ondergebracht in één afdeling. Een samenwerking die onder meer de inspecteurs bouw en milieu ontlast. Ook de samenwerking met andere afdelingen binnen de gemeente, zoals de afdelingen Economische Zaken en Planontwikkeling, wordt als nuttig ervaren. Bedrijven en burgers komen namelijk op verschillende manieren met de gemeente in contact. Het uitwisselen van deze informatie levert nuttige aanvullende informatie op.
Een belangrijke samenwerkingsvorm in de gemeente Rotterdam is de Keten Handhaving Pand en Persoon. In deze ketenhandhaving participeren diverse gemeentelijke diensten (dienst Stedenbouw en Volkshuisvesting, Stadstoezicht, Gemeentebelastingen, Publiekszaken, Sociale Zaken en Werkgelegenheid, Directie Veiligheid, Jeugd Onderwijs en Samenleving), alle deelgemeenten, Servicedienst Rotterdam en diverse externe partijen (zoals politie, OM en woningbouwcorporaties). Eén van de projecten is “meervoudig kijken” waarbij toezichthouders van de verschillende diensten tijdens bezoeken aan bedrijven of particulieren breder kijken dan alleen hun eigen onderdeel.
Intergemeentelijke samenwerking bodemsanering- gemeente Arnhem
Uit: Professionalisering toezicht en handhaving G36 gemeenten p12.
De gemeente Arnhem is gestart met het intergemeentelijk organiseren van bodemsanering. Deze samenwerking heeft de vorm van ketentoezicht, waarbij gemeenten elkaar informeren over vervuilde grond die van de ene naar de andere gemeente wordt verplaatst. Alle inspecteurs uit de regio hebben dezelfde opleiding gehad en houden op dezelfde manier controles. Op die manier wordt voorkomen dat de ene gemeente te maken krijgt met vervuilde grond uit andere gemeenten, zonder dit te weten.
Taakoverdracht - gemeenten Leeuwarden en Tilburg
Uit: Slimmer toezicht: meer resultaat met minder inspanning p23-26.
Wat houdt het in?
Inspecties hebben grofweg gezegd twee doelen: het signaleren van tekortkomingen om deze zo snel mogelijk op te lossen (handhaven) en voorkomen dat er overtredingen plaatsvinden (preventie). Vaak controleren meerdere inspecteurs elk vanuit verschillende invalshoeken (bijvoorbeeld brandveiligheid, milieuveiligheid en constructieve veiligheid) bij hetzelfde bedrijf. Door inspectietaken aan elkaar over te dragen, kunnen inspecteurs hun beschikbare capaciteit effectiever inzetten.
Taakoverdracht betekent dat inspecteurs tijdens één inspectie op meerdere items (bijvoorbeeld zowel brandveiligheid als constructieve veiligheid) controleren. Hierdoor worden twee typen inspecties – die veelal afzonderlijk van elkaar door verschillende inspecteurs worden uitgevoerd – samengevoegd tot één inspectie. Inspecteurs kunnen hierbij gebruik maken van een integrale checklist waarop verschillende controle-items staan. Dit initiatief verschilt van signaaltoezicht waarbij de ene inspecteur signaal doorgeeft aan de andere inspecteur. Bij taakoverdracht is sprake van één inspecteur.
Wat levert het op?
Met taakoverdracht kunnen tekortkomingen bij bedrijven eerder worden geconstateerd en wordt inspectiecapaciteit effectiever ingezet. Inspecteurs focussen zich immers niet uitsluitend op één item (bijvoorbeeld brandveiligheid), maar op meerdere items. Daarnaast zijn besparingen te realiseren bij ondernemers en bij de overheid omdat het aantal inspecties kan worden teruggebracht.
Wat zijn de ervaringen?
In de gemeente Leeuwarden controleerde de brandweer tot vorig jaar op de naleving van het Gebruiksbesluit. Uit onderzoek van de gemeente bleek dat bouwtechnische en installatietechnische aspecten tijdens deze controles niet werden meegenomen. Dit betekent dat nooit op de naleving van deze aspecten werd gecontroleerd. De inspectietaken – en het bijbehorende budget – zijn overgedragen van de brandweer (circa 400 gebruiksinspecties per jaar) naar een breed samengesteld team Toezicht en Handhaving. Inspecteurs bouwtoezicht letten momenteel tijdens inspecties zowel op de naleving van het Gebruiksbesluit als op bouwtechnische en installatietechnische aspecten. De brandweer houdt zich alleen nog maar bezig met repressieve taken. Inspecties zijn volgens de gemeente effectiever doordat op meer aspecten worden gelet en risico’s eerder worden gesignaleerd. Het leidt volgens de gemeente tot breder inzetbare medewerkers. Bovendien kunnen volgens de gemeente in tijden van krimp goede medewerkers worden behouden.
Bij de gemeente Tilburg controleren inspecteurs van het team stedelijke bedrijvigheid (hieronder valt onder meer horecatoezicht) de naleving van het Gebruiksbesluit. Dit betekent dat brandveiligheid bij horecabedrijven niet meer door de brandweer wordt gecontroleerd. Wanneer de inspecteur van de gemeente twijfels heeft over iets dat hij constateert, kan hij contact opnemen met een gespecialiseerde brandpreventist.
De meeste inspecties die door gemeente Tilburg worden uitgevoerd, zijn themagericht. Daarbij wordt steeds een gespecialiseerde inspecteur ingezet die kennis heeft van andere inspectiethema’s die ook bij het bedrijf aan de orde zijn. Het aantal inspecties voor horecabedrijven is afgenomen doordat een inspecteur meerdere items controleert. Daarnaast zijn de inspecties vooral ook effectiever geworden, in de zin dat er beter zicht is op de naleving aan een breed pakket van regelgeving. Een naleefgedrag van 87% bij de laatste thematische carnavalcontrole is hier een bewijs van.
Welke inspanning is vereist?
Het overdragen van taken zodat de effectiviteit van het toezicht toeneemt, staat of valt bij de kwaliteit van de inspecteurs. Niet alleen moeten inspecteurs een technisch inhoudelijke kennis hebben die verder reikt dan één thema. Belangrijk is ook dat zij tijdens één controle structureel alle aspecten (waaronder naleving Gebruiksbesluit, bouwtechnische en installatietechnische eisen) controleren. De inspanning zit dan ook met name in het opleiden van inspecteurs.